Ze kunnen écht niet zonder je…al denken en vinden ze zelf van wel!

Ik moet er weleens om lachen. Die pubers die denken dat ze oud en wijs genoeg zijn en jou nergens meer voor nodig hebben. En laten we eerlijk zijn, ze kúnnen en doen ook steeds meer zelf en alleen, dat is ook de bedoeling. Maar oh wat missen ze je als je er even niet bent. Ik heb dat gemerkt toen ik een aantal dagen wél thuis was, maar ook weer niet (vanwege jeweetwel). Ik had mezelf opgesloten op zolder en deed dus even niet mee in het gezin. Op een gegeven moment riep één van mijn kinderen vanuit de woonkamer ‘mam, waar is m’n broer?’. Ik moest er heel hard om lachen! Hóe kon ik dat nou weten? Ik zat op zolder, buiten beeld, maar kennelijk niet buiten bereik. Ik had hem nog niet gezien want ik was er zogenaamd niet. Ook had ik hem niet gehoord, dus ik had werkelijk geen flauw idee.

En wat er toen gebeurde met mij was het volgende. In eerste instantie vond ik het heel grappig en moest ik er hard om lachen. Daarna zette het me aan het denken. Natuurlijk voelde ik me vereerd, want ‘mama, die weet dat wel. Mama weet alles’. Maar mijn volgende reactie was ‘zouden ze niet te veel op mij leunen’? Daar schrok ik wel even van.

Maar na lang en diep nadenken kwam ik tot de conclusie dat dit een heel normaal verschijnsel is bij pubers; gemakzucht. Geen zin om zelf na te denken, of in dit geval, om zelf zijn broer te zoeken. Dus de makkelijkste manier is dan om naar de zolder te roepen en mij te vragen of ik het weet. En ik denk dat hij het antwoord allang wist, want hoe kon ik dat nou weten? Ik heb nog steeds geen glazen bol!

Een paar maanden geleden maakte ik iets soortgelijks mee. Ik was in de supermarkt en liep rustig op mijn gemak mijn boodschappen te doen. En heel eerlijk, in de periode dat de middelbare- en hogescholen nog gesloten waren, waren dit regelmatig mijn rustmomentjes. Even weg uit de drukte thuis. Terwijl ik in gedachten verzonken was ging mijn telefoon. Zoon. ‘Mam, hoe moet ik dat nu doen, want ik krijg nog geld van mijn broer en hij wil dat niet aan mij betalen.’. Paniek! En het grappige hier is, dat ik mezelf 10 minuten daarvoor nog afmeldde bij hem en zei dat ik even boodschappen ging doen en zo terug zou zijn. (5 minuten na dit gesprek ging mijn telefoon weer. Over hetzelfde. Ik stond inmiddels bij de kassa…)

Ook hier moest ik dus weer hard om lachen. In mezelf dan hè, daar midden in die supermarkt. Mijn eerste reactie was er dan ook eentje vanuit liefde ‘zie je wel, ze hebben nog steeds mijn hulp nodig, wat schattig’!

Maar vrij snel daarna baalde ik ervan en dacht ‘kun je nou niet even zelf actie ondernemen! Het gaat notabene om je broer!’ Dus dit betekende dat ik thuis meteen weer kon bemiddelen in een ruzie tussen twee broers.

Soms denk ik weleens dat het aan mij ligt. Dat ik te veel voor ze blijf regelen, oplossen en doen. Dat is heel makkelijk voor hen en op die manier hoeven ze er zelf niet over na te denken. Regelmatig maak ik dan ook met mezelf de afspraak om weer een stapje terug te doen en van een afstandje te bekijken waar ze mee bezig zijn. Mocht het nodig zijn dan kan ik altijd ingrijpen.

Als ik dat stapje terugneem merk ik aan hen dat zij dat ook fijn vinden. Ze krijgen daardoor zelfvertrouwen en komen uiteindelijk toch wel bij mij als ze iets willen weten of vragen. En natuurlijk, als ze iets voor elkaar hebben gekregen kunnen ze dit vol trots aan mij vertellen. Uiteindelijk doet mij dat dan ook weer goed.

Maar het blijft lastig hoor. Daarom, reflecteer ik regelmatig: op welke manier ben ik bezig en is dit nog steeds de juiste manier. Hoe voelt het voor mij en hoe reageert mijn puber hierop?

Ik ben heel benieuwd, hoe gaat dat bij jou thuis? Ben jij écht onmisbaar voor je puber of zorg je er zélf voor dat je onmisbaar bent?

Laat het me weten!

Heb jij het gevoel dat je hier graag verder over wilt praten? Of heb je jezelf té onmisbaar gemaakt en wil je hier iets aan doen? Neem dan contact met mij op. We gaan dan samen kijken wat jij op dit moment het meeste nodig hebt. Je bent van harte welkom.

Vorig bericht
De lat hoeft niet zo hoog, leg ‘m gerust een stukje lager
Volgend bericht
Ik moet nog, ik moet dit, ik moet straks, ik moet nu, zij zegt dat ik moet…
Menu